Restauratie van een DKW-tweecilinder: stap voor stap

Written by

in

Wie een oude DKW voor het eerst ziet staan in een werkplaats, ziet vooral een voertuig dat beter tijden heeft gekend. De lak is dof, de rubber afdichtingen zijn uitgedroogd en ergens onder de motorkap klinkt een vaag tikgeluid dat niemand goed kan thuisbrengen. Toch schuilt er in zo’n toestand een bijzonder verhaal, en dat verhaal begint pas echt als u de eerste bout losdraait.

Waarom restauratie meer is dan poetsen en spuiten

Een restauratie van een historisch voertuig wordt door buitenstaanders nogal eens vergeleken met een grondige schoonmaakbeurt. Dat is begrijpelijk, want het eindresultaat oogt inderdaad alsof het voertuig zojuist de fabriek heeft verlaten. Maar wie ooit een carrosserie heeft gestript tot op het kale staal, weet dat er tientallen beslissingen vooraf gaan aan die glanzende afwerking.

Bij een DKW uit de jaren vijftig of zestig gaat het vrijwel altijd om een combinatie van roestschade, slijtage aan de tweetaktmotor en verouderd elektrisch bedrading. Die drie problemen hangen met elkaar samen. Vocht dat via een slechte afdichting binnendringt, tast niet alleen het staal aan, maar werkt ook in op de isolatie van kabels en op de rubbers van de carburateurverbindingen.

De volgorde van werken is daarom niet willekeurig. U begint met een volledige demontage, zodat u elk onderdeel afzonderlijk kunt beoordelen. Pas daarna kunt u een realistisch beeld vormen van wat bewaard blijft, wat gerepareerd wordt en wat vervangen moet worden.

De tweetaktmotor: techniek die om begrip vraagt

De DKW staat bekend om zijn tweetaktprincipe, en dat principe is voor veel bezoekers een openbaring. In een gewone viertaktmotor doet de zuiger vier slagen voor één arbeidslag: inlaat, compressie, verbranding en uitlaat. Bij een tweetaktmotor gebeurt hetzelfde in twee slagen. Dat klinkt eenvoudiger, maar de technische uitvoering vraagt juist om grote nauwkeurigheid.

De smering verloopt bij een tweetakter via het mengsel van brandstof en olie. Er is geen aparte oliekuip zoals bij een viertakter. Dat betekent dat de kwaliteit van het mengsel rechtstreeks van invloed is op de levensduur van zuigers, cilinderwanden en lagers. Bij een restauratie controleert u de zuigerspeling met een voelermaat: het verschil tussen de diameter van de zuiger en die van de cilinder mag slechts enkele honderdsten van een millimeter bedragen.

Is die speling te groot, dan trekt de motor olie voorbij de zuiger en rookt hij overmatig. Is de speling te klein, dan loopt de zuiger vast bij bedrijfstemperatuur. Beide situaties zijn funest, en beide zijn te voorkomen als u de maten goed opneemt voordat u begint met slijpen of honen.

Carrosserie en koetswerk: waar roest zijn werk heeft gedaan

De stalen koetswerken van DKW-modellen uit de naoorlogse periode zijn constructief eenvoudig, maar dat maakt ze niet minder kwetsbaar voor roest. De drempelbalken, de binnenkanten van de spatborden en de vloerplaat onder de achterbank zijn de plekken waar vocht het langst blijft staan.

Bij het strippen van de carrosserie werkt u met een schuurschijf en een hamer om te testen waar het staal nog draagkracht heeft. Een hol geluid verraadt dat de corrosie van binnenuit heeft gewerkt. Op die plekken zaagt u het aangetaste materiaal weg en last u nieuwe staalplaat in, bij voorkeur van dezelfde dikte als het origineel.

Karosseriebedrijven die gespecialiseerd zijn in klassieke voertuigen, kennen dit werk goed. Voorberg is een voorbeeld van een bedrijf dat dit soort plaatwerk uitvoert voor historische voertuigen, waarbij de aandacht voor originele profielen en naden een rol speelt die in gewone carrosseriebedrijven zelden aanwezig is. Na het lassen volgt een grondige behandeling met fosfaatprimer, zodat nieuw roest geen kans krijgt.

De laklaag is het laatste dat u aanbrengt, en tegelijk het meest zichtbare resultaat van alles wat eronder zit. Een goede lakker werkt in meerdere lagen: vulmiddel, tussenlaag en kleurlak, afgesloten met een vernis. De kleur kiest u op basis van de originele kleurcode, die bij DKW-modellen vaak nog te achterhalen is via het typeplaatje op de brandwand.

Documentatie en archiefonderzoek als onderdeel van het werk

Een restauratie zonder documentatie is een restauratie die u later niet kunt verantwoorden. Dat klinkt formeel, maar het is praktisch bedoeld. Als u over tien jaar een onderdeel wilt vervangen, wilt u weten welke maat er nu in zit. En als een toekomstige eigenaar wil weten of het voertuig ooit is gespoten in een andere kleur dan de originele, wilt u dat kunnen aantonen.

Goed restauratiedossier bijhouden begint al bij de demontage. Fotografeer elk onderdeel voordat u het losmaakt, en noteer de meetwaarden die u opneemt. Bewaar de facturen van leveranciers en schrijf op welke keuzes u heeft gemaakt en waarom. Dat geldt ook voor afwijkingen van het origineel: als u een onderdeel niet meer origineel kunt krijgen en kiest voor een technisch equivalent, leg dat dan vast.

Archiefonderzoek is een apart hoofdstuk. De DKW-fabriek in Ingolstadt heeft tijdens de Tweede Wereldoorlog veel documentatie verloren, maar een deel van de technische tekeningen en onderdelenboeken is bewaard gebleven in particuliere collecties en museumbibliotheken. Via correspondentie met andere eigenaren en via gespecialiseerde clubs kunt u soms aan kopieën komen die onmisbaar zijn bij het reconstrueren van de originele uitvoering.

Wat u nodig heeft voor een geslaagde restauratie

Een restauratie van een historisch voertuig vraagt om meer dan technische kennis alleen. Hieronder staan de voornaamste hulpmiddelen en aandachtspunten die u bij aanvang op orde moet hebben:

  • Werkplaatsruimte met voldoende hoogte voor een hefbrug of een solide ondersteuning op bokken
  • Een volledige set momentsleutels, omdat DKW-motoren gevoelig zijn voor het juiste aandraaimoment van cilinderkopbouten
  • Toegang tot een micrometerstel voor het opmeten van zuigers, assen en lagers
  • Originele of gereproduceerde technische documentatie, bij voorkeur de werkplaatshandleiding van de betreffende serie
  • Een betrouwbare leverancier van rubbers en afdichtingen, want dit is het materiaal dat het snelst veroudert en het moeilijkst te vinden is
  • Contacten binnen een eigenaarsclub of register, zodat u bij twijfel kunt terugvallen op ervaringskennis van anderen
  • Geduld en een realistisch tijdsplan, want een grondige restauratie duurt zelden korter dan twee jaar als u het naast andere verplichtingen doet

Veelgestelde vragen over DKW-restauratie

Hoe lang duurt een volledige restauratie van een DKW?

Dat hangt sterk af van de begintoestand van het voertuig en van de tijd die u beschikbaar heeft. Een DKW die al jarenlang droog gestald heeft gestaan en waarvan de motor nog draait, kan in anderhalf jaar grondig gerestaureerd worden als u er regelmatig aan werkt. Een voertuig dat buiten heeft gestaan en waarvan de carrosserie ernstig is aangetast, vergt gemakkelijk drie tot vier jaar. De meeste eigenaren onderschatten de tijd die gaat zitten in het zoeken naar onderdelen en het wachten op leveringen.

Zijn originele onderdelen nog te vinden voor naoorlogse DKW-modellen?

Voor de meest gangbare modellen, zoals de DKW F89 en de Sonderklasse, zijn veel onderdelen nog beschikbaar via gespecialiseerde handelaren en eigenaarsclubs. Rubbers, pakkingen en elektrische onderdelen worden deels nagemaakt door leveranciers die zich richten op de klassieke automarkt. Voor zeldzamere modellen of voor specifieke carrosserieonderdelen bent u soms aangewezen op sloop van een identiek voertuig, wat de kosten en de zoektijd aanzienlijk vergroot.

Moet een gerestaureerde DKW worden gekeurd voor gebruik op de openbare weg?

In Nederland valt een voertuig dat ouder is dan veertig jaar onder een vrijstelling van de periodieke APK-keuring, maar dat betekent niet dat het voertuig zonder meer de weg op mag. Het voertuig moet technisch veilig zijn en voldoen aan de eisen die gelden voor het jaar van eerste toelating. Bij een grondige restauratie is het verstandig om het voertuig na afronding te laten beoordelen door een erkende keuringsinstantie, zodat u zeker weet dat remmen, verlichting en stuurinrichting naar behoren functioneren. Een historisch kenteken geeft bovendien bepaalde voordelen bij verzekering en wegenbelasting, maar vraagt om een aparte aanvraagprocedure bij de RDW.

Comments

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *